Cosmoïstisch reisverslag

foto gemaakt door Rob ten Tusscher Heb de naam Ronald P bij de geboorte meegekregen, die eigenlijk voor een broer van mij bestemd was. Mijn geboorte, op 20-10 te Soerabaja, ging gepaard met saluutschoten. Althans dat dacht ik! Net op het moment dat ik mij koninklijk begon te voelen, verdween het saluut. Wat over bleef, waren de schoten: "Big-beng, beng, beng."
Door mijn reeds bij de geboorte tot volwassenheid uitgegroeide verstand, raakte ik slechts matig onder de indruk. Met een intuïtieve helderheid geloofde ik tegelijkertijd dat oorlog een voortbrengsel is van zwakzinnige gedachten, van meestal lange onderbroeken dragende "eigen" wijzen. Ik had het wel gezien en besloot uit te varen. Nadat ik op mijn eigen wijze een saluut had gezwaaid naar de mensenmassa achter me, voeren mijn gedachten uit. Het waren zelfstandige entiteiten geworden, mijn verstand en gevoel. Ik besloot zeeofficier te worden! De wereld reisde ik over, van haven tot haven. Psychische landen bezocht ik, mensen bestuderend, culturen verwerkend. Luisteren en observeren, geen zee was mij te hoog. Het was een drukke en vermoeiende tijd. Op mijn tiende had ik het aardse denken en doen gezien. De behoefte om de cosmos te ontdekken, met al haar abstracte vormloze mysteries groeide. Ik besloot geestelijke te worden! De wereld werd voor mij een surreële werkelijkheid, met al haar beperkingen. Hoe verder ik in het universele grenzeloze van de cosmos geraakte, hoe groter het inzicht in begrensd maatschappelijke gebieden werd. Quasars schoten door me heen.
Ik besloot universeel kunstenaar te worden.

Cosmoïsme.

Van een surreële werkelijkheid naar het Cosmoïsme. Deze omgekeerde weg markeert het wezen van Ronald P. Immers het droombeeld waar het surrealisme vanuit vertrok, is, opnieuw bekeken, niets meer of minder dan een realiteit die zich binnen begrensd maatschappelijke gebieden bevind. Natuurlijk was het wezen van het surrealisme: beelden die uit het onbewuste oprijzen zo ongeremd mogelijk weergeven. Echter de afhankelijkheid van waar en wanneer het plaats vond werd niet doorbroken. Het surrealisme is dientengevolge beter te omschrijven als procédé. Een met elkaar copulerende "naaimachine" en "paraplu" zegt weliswaar iets van de onbewuste drang die in het wezen van de mens zit opgesloten, echter als uitingsvorm doet het bedacht aan. Verschijnselen op verschillende gebieden kunnen niet zonder meer met elkaar in verbinding worden gebracht. De idee waar Ronald P. van uit is gegaan, richt zich op het verplaatsen van associatie punten, wat tevens als voorwaarde geldt om een ingang of toegang te krijgen tot zijn werk. De angst dat het wezen van de mens dient te veranderen is ongegrond. De confrontatie die de beschouwer met zichzelf aan gaat, leidt naar nieuwe getransformeerde bewustzijns gebieden. Wie eenmaal deze reis in het universum durft te ondernemen, komt in gebieden waar alles van nature integraal bestaat. Wederom wordt hierdoor het bewijs geleverd dat het universum één is. Ronald P. leidt zijn gedachten uitingen allereerst naar de twee polen van de psyche: gevoel en intellect. Vervolgens gaat her-benoemen, waarop hij deze tegenstellingen in één wezen laat samenkomen. Het materiele aspect (vorm) ondergaat hierdoor een betekeniswijziging, die weliswaar in stijlelementen terug is te voeren naar traditionele uitingen, echter als totaal meer is als de som der delen.

"De cosmos legt mij geen beperking op" R.P. Dom.

Boven staand artikel is een uittreksel van een manifest geschreven door een collega artist.

Cosmoïsme; drijfveer

Mijn werken ontstaan uit een Onbevlekte Ontvangenis. Vanuit een wisselwerking: gevoel - verstand ; verstand - gevoel naar en tot een Eénheid. Onafhankelijk - afhankelijk ; afhankelijk - onafhankelijk ; het één in dienst van het ander, te samen een Eénheid vormend. Men kan het één niet zonder het ander ervaren. Deze tot stand koming ben ik , verschuldigd en dank ik aan mijn Euro-Aziatische achtergrond. Hierdoor heb ik Oost en West in en buiten mij, ontstaan in het centrum en resulterend in een Eénheid. Eigenlijk ben en was ik bijna door alles geïnspireerd inclusief kunst die niet vanuit de Kunst is ontstaan. Al zij het van hoe het niet moet. De belangrijkste inspiratie bronnen zijn: het Leven en archeologie. Deze twee bronnen zijn de belangrijkste schakels voor het creëren van het Cosmoïsme. De traditionele bewerking van het doek is ondergeschikt en in dienst van het Cosmoïsme. Indien een idee het nodig heeft of het toestaat, dan is ook de achterzijde van het doek erbij betrokken. De voorzijde kan alleen bestaan met de achterzijde. Het eind product noem ik "object schilderijen". De materialen die worden gebruikt zijn ondergeschikt en in dienst van het Cosmoïsme; ze verwijzen en niets meer. De keuze en het gebruik maken van materialen, binnen elke afzonderlijke idee, ontstaan door verbindende gradaties die te samen een Eénheid vormen. In principe kan ik alles gebruiken, zolang het is gerechtvaardigd vanuit de Kunst. Cosmoïsme heeft noch een begin, noch een eind, of is het aan plaats of tijd gebonden. Ik ben slechts een serieus antwoord verschuldigd aan de "Kunst".